|
Via een ademtest er achter komen of je wel of niet borst- of longkanker hebt. Het lijkt toekomstmuziek. Longarts Jan van der Malen van het Medisch Centrum Leeuwarden doet er als enige in Nederland onderzoek naar.
Leeuwarder Courant, 13 november 2009 Door Gerrie Riemersma
Het apparaat is zo groot als een grote walkietalkie. De elektronische neus zou moeten registreren of iemand al dan niet borst- of longkanker heeft. Al twee jaar verricht longarts Jan van der Maten daar onderzoek naar, in samenwerking met het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam.
De resultaten tot dusver zijn hoopgevend, stelt hij tevreden vast. ,,Het is een slag in de lucht, maar ik hoop dat over tien jaar, als de neus is doorontwikkeld, hij kan ruiken of iemand kanker heeft.’’
De patiënt krijgt een knijper op de neus en moet 5 minuten lang uitademen in een plastic zak. Dat gebeurt via een mondstuk en filter. De uitgeademde lucht wordt opgevangen in een plastic zak. Van der Maten steekt dan de meetnaald van de elektronische neus in de zak. De snuffelaar bevat 32 sensoren waarlangs de adem circuleert. Geurstofjes uit de adem blijven daarop zitten en zorgen voor een patroon, het zogenaamde geurprofiel.
Als heel veel mensen met een bepaalde ziekte hetzelfde geurprofiel uitademen heeft Van der Maten bewijs in handen. Hij kan dan meten of ze ziek of gezond zijn. Als de “neus” geleerd heeft hoe verschillende ziektes ruiken kan het apparaat mogelijkerwijs ook nog aangeven aan welke de patiënt lijdt. In Leiden leverde een soortgelijk onderzoek met de neus al een voorlopig resultaat op: de wetenschapper daar kon bij een kleine groep patiënten longkanker signaleren: “Dat is belangrijk. Blijkbaar ruikt hij iets ‘kankerigs’. Nu ga ik in Leeuwarden uitzoeken of hij ook onderscheid kan maken tussen kankersoorten.’’ Van der Maten is zonder bewijs voorzichtig, maar hij waagt zich – na een hoopvolle tussenanalyse - toch aan een voorspelling: ,,Ik denk dat hij dat kan.’’
De longarts onderzoekt nu ook vrouwen die met de verdenking van borstkanker naar de mammapoli van het MCL komen. Inmiddels zijn er zo’n tachtig vrouwen ‘besnuffeld’. “Na een verdenking komen ze al heel snel een dag voor verschillende onderzoeken in het ziekenhuis. Die vrouwen zijn gespannen en willen liever geen polonaise. Maar toch is het belangrijk dat ze twintig minuten, ergens tijdens de wachttijd, langs komen voor dit onderzoek. We zetten ze natuurlijk niet onder druk, we vragen ze het van te voren en op een voorzichtige manier.’’
Om genoeg bewijzen te verzamelen en om de techniek zo veel mogelijk te verbeteren is het nodig dat de komende twee jaren zo veel mogelijk patiënten zich laten besnuffelen. Van der Maten ziet de ‘neus’ graag in de dagelijkse (dokters)praktijk. “Wat zou het mooi zijn, dat je met zo’n ademtest heel snel een diagnose hebt. Daar doe ik het voor. Bovendien brengt de techniek nog meer mogelijkheden met zich mee.’’
Want behalve bij het opsporen van kanker, zou de snuffelaar ook bij de behandeling ervan ingezet kunnen worden. “Op termijn wil ik metingen voor en na de eerste chemokuur doen bij longkanker patiënten. Soms heeft de belastende kuur namelijk geen zin. Met de neus zou je dan misschien vooraf uit kunnen zoeken of die chemokuur zinvol zal zijn.’’
|